Bionatin
Spoor Colostrum

Biestkwaliteit is meer dan alleen IgG

Een hoge concentratie immunoglobulinen (IgG) is belangrijk, maar vertelt niet het hele verhaal. Ook de hygiëne tijdens het verzamelen, de snelheid waarmee biest wordt gekoeld of ingevroren en de manier waarop biest wordt bewaard, spelen een belangrijke rol voor goede start voor het kalf.

Een hoge IgG-concentratie wordt vaak gezien als een belangrijke indicator voor goede biest. Maar wist je dat ook de bacteriële belasting een grote rol speelt bij de kwaliteit van biest?

Biest kan een hoge concentratie antistoffen bevatten en toch minder geschikt zijn wanneer er tijdens het verzamelen of bewaren te veel bacteriën in terechtkomen. Daarom is het belangrijk om bij biestmanagement niet alleen naar de samenstelling te kijken, maar ook naar de hygiëne.

Bacteriën kunnen de opname van antistoffen beïnvloeden

Voor pasgeboren kalveren is biest van groot belang. De immunoglobulinen, waaronder IgG, helpen bij de overdracht van passieve immuniteit. Om hiervan te profiteren, moet het kalf voldoende biest van goede kwaliteit krijgen en moeten de antistoffen goed kunnen worden opgenomen.

Een hoge bacteriële belasting kan die opname belemmeren. Bacteriën kunnen zich binden aan antistoffen en andere bestanddelen van de biest, en kunnen de opname van immunoglobulinen in de darm verstoren. Dat betekent dat een hoge IgG-concentratie op zichzelf niet het volledige beeld geeft. Ook de microbiologische kwaliteit van de biest verdient aandacht.

Waar komt besmetting vandaan?

Bacteriën kunnen op verschillende momenten in de biest terechtkomen. Vaak gaat het om alledaagse handelingen waarbij hygiëne een verschil maakt.

Denk bijvoorbeeld aan:

  • De voorbereiding van de uier en spenen: onvoldoende reiniging kan ervoor zorgen dat bacteriën tijdens het melken in de biest terechtkomen.
  • Opvangemmers en melkapparatuur: resten van melk, vuil of onvoldoende gereinigde materialen kunnen een bron van besmetting vormen.
  • Opslag en bewaring: wanneer biest te lang warm blijft, kunnen aanwezige bacteriën zich vermenigvuldigen.
  • Flessen, spenen en sondevoeders: voedingsmaterialen die niet goed worden gereinigd, kunnen bij een volgende voeding opnieuw bacteriën overdragen.

Besmetting ontstaat dus niet altijd door één grote fout. Juist kleine stappen in het dagelijkse werk kunnen samen invloed hebben op de uiteindelijke kwaliteit.

Snel koelen of invriezen maakt verschil

Na het verzamelen is het belangrijk om biest niet onnodig lang op een warme temperatuur te laten staan. Onder geschikte omstandigheden kunnen bacteriën zich snel vermenigvuldigen.

Door biest zo snel mogelijk te koelen of in te vriezen, wordt die groei afgeremd. Een passende bewaartemperatuur helpt vervolgens om de kwaliteit tijdens de opslag te behouden.

Daarbij geldt wel een belangrijk onderscheid: koelen en invriezen verwijderen bacteriën niet. Daarom begint een goede aanpak altijd bij het voorkomen van besmetting, gevolgd door snelle en zorgvuldige opslag.

Vier praktische stappen om de biestkwaliteit te beschermen

Met een aantal gerichte maatregelen kan het risico op besmetting worden beperkt.

1. Werk hygiënisch vanaf het begin
Bereid de spenen zorgvuldig voor en gebruik schone opvangemmers en apparatuur.

2. Beperk de tijd tussen verzamelen en koelen
Laat biest niet onnodig op kamertemperatuur staan. Koel of vries deze zo snel mogelijk in.

3. Reinig voedingsmaterialen na ieder gebruik
Flessen, spenen en sondevoeders moeten zorgvuldig worden gereinigd en volgens de juiste procedure worden gedesinfecteerd. Vervang materialen die beschadigd zijn en moeilijk schoon te maken blijven.

4. Bewaar biest onder de juiste omstandigheden
Zorg voor een geschikte, stabiele bewaartemperatuur en voorkom onnodige temperatuurschommelingen. Deze maatregelen zijn eenvoudig, maar vragen om een consequente werkwijze.

Goede biestkwaliteit vraagt om meer dan één meting

Een Brix-meting kan helpen om de samenstelling van biest in te schatten. Voor een completer beeld is het echter belangrijk om ook rekening te houden met de microbiologische kwaliteit en de manier waarop de biest is behandeld.